19-04-2012 00:00

Jan Heins biljart uitmuntend bij ’t Kun Beter

Door Peter van Slochteren

 

Jan Heins biljartte tegen Jaap Meppelink. Heins begon aan de wedstrijd, maar liet de eerste beurt gaan. Ditzelfde overkwam Meppelink ook. Jan Heins kwam weer aan zet en begon met het maken van de eerste. De tweede verscheen al vrij vlot daarna. Het ging Heins zeer goed af, want er kwamen maar liefst zeven caramboles uit de keu. Een beste start en meteen nam Heins fors de leiding. Meppelink lukte het niet om zijn opponent na te doen, maar kreeg er twee op papier te staan. Vervolgens gingen twee beurten voorbij bij Heins, maar in de vijfde beurt kwam er een serie van vijf tevoorschijn en in de zesde beurt zaten Jan Heins en zijn keu helemaal op een lijn, want Heins wist van geen ophouden, waardoor er maarliefst een serie van tien werd genoteerd en stond hiermee al op 22 tegen inmiddels zeven voor Jaap Meppelink. De wedstrijd was voor Meppelink wel voorgezien, want om deze achterstand nog in te lopen in zo'n korte tijd, dat was blijkbaar te ver, want wederom verliep het vlekkeloos bij Jan Heins, die nog eens een serie van acht scoorde en daarmee zijn aantal van dertig al behaald had in slechts zeven beurten. Dit was voor Heins een uitmuntende wedstrijd. Jaap Meppelink, die weinig de tijd kreeg om te scoren, kwam niet verder dan zeven. 

Henk Denekamp nam het op tegen Roelof Huisjes. Denekamp had meteen de smaak te pakken, omdat hij in elf beurten al op vijftien stond tegen vier voor Huisjes. Hierna ging het wat rustiger met Denekamp, want series bleven vrijwel achterwege. Huisjes kreeg kans om in te lopen, maar van harte ging dat niet, want negen beurten bleef Huisjes steken op zeven, maar daarna verscheen er een serie van drie en kreeg Huisjes weer een beetje hoop. Henk Denekamp was inmiddels uit gelopen naar 25 en had hierna nog zes te gaan, terwijl Huisjes er nog negen moest maken. Stap voet klom Denekamp naar de 31, maar Huisjes liep zachtjes mee, waardoor Henk Denekamp de winnende in de 34e beurt scoorde. Roelof Huisjes eindigde op zestien van de negentien.
Geert Roffel startte goed tegen Henk Hilbrink, want in vier beurten was Roffel al twee maal een serie van vier gepasseerd en in de eerste beurt nam Roffel er ook een mee. Hilbrink was in de derde beurt begonnen aan een serie van twee, maar het duurde acht beurten voordat de derde tevoorschijn kwam. Series kwamen bij Roffel niet meer aan de orde, maar telkens een kreeg hij wel uit zijn keu. Henk Hilbrink bleef op een achterstand van zeven en kreeg het niet voor elkaar om die weg te werken, zodat Geert Roffel in 24 beurten het heft in handen nam en de wedstrijd wist te winnen met zestien tegen negen van de vijftien voor Hilbrink.

Henk Heringa en Klaas van Dalsem namen het tegen elkaar op. In de vierde beurt was de tussenstand gelijk met elk drie. Hierna nam Heringa met zeven tegen vijf een klein voor sprongetje. Even later werd het verschil omgedraaid en kreeg Van Dalsem de leiding. Heringa passeerde een serie van vier en een aantal beurten later herhaalde hij die serie, waarmee hij met achttien tegen tien de ruimte kreeg. Klaas van Dalsem kwam in een klein dipje terecht, maar wist deze te herstellen, waardoor in 26 beurten het verschil nog op een lag met negentien tegen achttien voor Van Dalsem. gedurende een aantal beurten hielden de heren elkaar in evenwicht, maar het evenwicht werd door Klaas van Dalsem in de 33e beurt verstoord, want hij moest er nog vijf en wist deze serie in een keer te scoren, waarmee hij nog onverwacht winnaar werd. Henk Heringa bleef steken op 23 van de 31.

Roelof Huisjes kwam tegen Anne Heins niet verder dan zeven in achttien beurten. Des te meer de wedstrijd vorderde des te meer gingen de caramboles komen bij Heins, die er vlot mee wist af te werken en de wedstrijd afsloot met een serie van twee (20).

In een vlot tempo scoorde Gerrit Strijker de caramboles tegen Roelof Dolfing. Mede door een serie van vijf en twee keer een serie van zes tussendoor werd de eindstreep door Strijker behaald in 23 beurten. Hierin werd met een slot serie van drie de totaal 31 gemaakt. Dolfing, die er zeventien moet maken zette alles op alles om het aantal uit de keu te krijgen. Het lukte hem aardig, want zestien keer werd er gescoord, maar de nastoot, waarin hij kon zorgen voor remise, ging verloren.

Bennie Meppelink was goed op dreef tegen Aaldert Bisschop. In negen beurten stond Meppelink al op dertien tegen vijf. Hierna gingen vier beurten verloren, maar met een serie van drie werd dat weer recht gezet door Meppelink. Bisschop stond inmiddels op negen en had er nog zes te gaan net als Meppelink. In de 21e beurt kwam Bisschop op twaalf, maar hierna wilde het Bisschop niet meer lukken om er ook nog maar een te maken. De winst ging naar Meppelink in 29 beurten met 22.
 

—————

Terug